erfgoedroute West hollands kroon

16. Brongas

In de Noord-Hollandse polders was brongas ooit een kleine revolutie. Vanaf het einde van de 19e eeuw ontdekten boeren dat uit hun eigen waterput brandbaar gas meekwam: een natuurlijk methaangas dat uit veenlagen opstoomde. Het werd bekend als brongas: goedkoop, overal beschikbaar en ideaal voor licht en koken.

De ontdekking begon bij landbouwer Wouter Sluis uit de Beemster, die merkte dat water uit een diepe bron melkachtig werd door opgesloten gas. Later wist installateur Jan Lankelma uit Purmerend er een werkend systeem van te maken. In tientallen dorpen doken brongasinstallaties op: in Anna Paulowna, Wieringerwaard, Barsingerhorn, Winkel en vele andere plaatsen. Straatlantaarns brandden erop, keukens werden erdoor verwarmd en bij boerderijen stond vaak een eigen brongasketel.

Een brongasinstallatie werkte eenvoudig: een diepe welpijp werd in de grond geslagen, waarbij het gas met het water naar boven kwam. Door het water te sproeien werd het gas gescheiden en opgevangen. Het water liep weg, het gas bleef bruikbaar achter.

In de jaren vijftig veranderde alles. Elektriciteit werd de nieuwe standaard en brongas verdween langzaam uit het dagelijks leven. Toch zijn op enkele plekken, zoals hier, nog restanten van oude brongasinstallaties te zien: stille herinneringen aan een tijd waarin bijna elke boerderij zijn eigen kleine “gasfabriek” had.

Wilt u meer leren over de geschiedenis van energie, polders en techniek? Fiets dan ook de Erfgoedroute Hollands Kroon – Oost.

Ga naar…