Samen met gemaal Lely bij Medemblik was gemaal Leemans onmisbaar in dit proces. De gemalen pompten onafgebroken water uit het gebied. In 1934 was de polder droog. Het was het eerste grote project van de Zuiderzeewerken, bedoeld om Nederland te beschermen tegen overstromingen én om nieuw land te winnen. De aanleg van de Afsluitdijk in 1932 maakte dit mogelijk: zonder dijk geen gemalen, zonder gemalen geen Wieringermeer. De dijk is in de verte zichtbaar. Een bijzonder detail: nabij liggen de kazematten, bunkers uit de Tweede Wereldoorlog. Er is hier nooit gevochten, maar ze zijn zeker een bezoek waard.
Het landschap voor u ligt meters lager dan de omgeving: een zichtbaar bewijs van wat hier ooit was. De gemalen waren bewust verschillend uitgevoerd: Leemans draaide op diesel, Lely op elektriciteit. Zo kon men altijd blijven pompen – ook bij stroomuitval of brandstoftekort.
De Wieringermeer werd zorgvuldig ontworpen met strakke verkaveling en rechte wegen en lanen. De boerderijen, met elk hun eigen bouwstijl die werd afgestemd op het type bedrijf, zijn uniek in Nederland. Het plan voor deze inrichting kwam van de Directie Wieringermeer. De dorpen zijn ontworpen door architect Granpré Molière, het groenontwerp is van landschapsarchitect J.T.P. Bijhouwer.
Vandaag de dag is Gemaal Leemans niet alleen een technisch monument, maar ook een tastbaar symbool van samenwerking, visie en de strijd tegen het water. Samen met gemaal Lely vormen beide gemalen het kloppend hart van de Wieringermeer.