Polder Hollands Kroon Locatie Viskringloop Slootdorp Fotograaf Danielle van der Ploeg

10. Zuiderzeehaven in zicht

Op dit punt aan de rand van de Wieringermeerpolder is de voormalige zeehaven van Kolhorn bijna in het zicht. Door de gunstige ligging aan de Westfriese Omringdijk en de Zuiderzee was het een belangrijke overslaghaven. Schippers uit Kolhorn vervoerden turf, vis, schelpen en andere goederen tussen Friesland, de Zuiderzee en het opkomende Amsterdam. De Kolnorner schippers waren meesters in het overladen: grote schepen konden de ondieptes van de Zuiderzee niet passeren, dus bij Texel werd hun vracht overgeheveld op lichtere schepen uit Kolhorn. Turf kwam uit het oosten van het land en werd opgeslagen in zwarte turfschuren. Die vormen nu nog altijd een kenmerkend beeld van Kolhorn.

Door de komst van de polders was Kolhorn niet langer aan zee gelegen maar de uitstraling van een zuiderzeehaven is gebleven. De functie van overslaghaven verloor Kolhorn in de loop van de 19e eeuw door de opening van het Noordhollands Kanaal in 1824. Schippers konden voortaan hun lading direct afleveren in Alkmaar en Amsterdam. Tot 1930 werd vanuit Kolhorn nog wel met succes op ansjovis gevist.

Polders aan het oude land

In 1848 waren de ingepolderde Groet- en Waardpolder aan de Westfriesedijk gereed. Dit inpolderingsproject veranderde het landschap voor goed. Door deze drooglegging lag de haven van Kolhorn plotseling niet meer aan de Zuiderzee. De polders kregen één duidelijke middenas: de Waardpolderhoofdweg en de Groetpolderweg. De boerderijen en erven kwamen aan deze weg te liggen. De kavels hadden vaste lengte‑ en breedteverhoudingen, die nog altijd herkenbaar zijn in het strakke verkavelingspatroon.

Door de drooglegging van de Wieringermeer en het dichten van de Afsluitdijk kwam er een einde aan de zeevisserij vanuit Kolhorn.

Ga naar…