Klei voor de Zuiderzeewerken
Ten noordwesten van Vatrop werd vroeger klei gewonnen. Die grondstof bleek van groot belang bij de aanleg van de Zuiderzeewerken. Tijdens de eerste werkzaamheden ontdekten de bouwers namelijk dat de zeebodem op sommige plekken te slap was om het gewicht van een zware dijk te dragen.
Bij de aanleg van de Amsteldiepdijk, ook wel de Korte Afsluitdijk genoemd, ging dat mis. De dijk zakte deels weg in de zachte ondergrond. Op die plek ontstond later het natuurgebied bij Van Ewijcksluis dat bekendstaat als De Verzakking.
De problemen hadden grote gevolgen voor enkele aannemers die bij het project betrokken waren. Om de aanleg van de Zuiderzeewerken voort te kunnen zetten, werd uiteindelijk de Maatschappij tot Uitvoering van de Zuiderzeewerken (MUZ) opgericht.
De oplossing voor de slappe ondergrond werd gevonden in stevige materialen zoals zeeklei en keileem. Deze waren in de omgeving volop aanwezig. Ook bij Vatrop werd daarom op grote schaal klei afgegraven voor de aanleg en versterking van de dijken.
Van kleiput naar natuurgebied
Na het einde van de kleiwinning kreeg het landschap een nieuwe functie. De voormalige kleiputten ontwikkelden zich tot een waardevol natuurgebied, waar veel wadvogels broeden en voedsel zoeken.
Om de vogels voldoende rust te geven, zijn de kleiputten zelf niet vrij toegankelijk. Langs de rand loopt wel een wandelpad, vanwaar je het bijzondere landschap en de vogelrijke omgeving goed kunt bekijken.
Zo vertelt Vatrop vandaag niet alleen het verhaal van de Zuiderzeewerken, maar ook van een landschap dat na jaren van menselijk ingrijpen opnieuw ruimte kreeg voor de natuur.
Foto: © Kenneth Stamp, Gemeente Hollands Kroon